Omdat wij al meer dan 10 jaar de specialist in onderwijs zijn Omdat de persoonlijke benadering bij ons voorop staat Omdat we met passie ons werk doen

Beginnend docent? Tips om werkdruk te verlagen

Ongeveer een derde tot de helft van de beginnende docenten in het VO en MBO stopt binnen 5 jaar met lesgeven. Het lerarentekort wordt er door versterkt en het leidt tot veel verloren geld, tijd en energie van de docenten, hun collega’s en leidinggevenden. Er wordt veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar hoe deze uitval is te voorkomen. Een deel van die uitval lijkt onnodig en is te voorkomen. In dit artikel vertalen we een aantal inzichten in concrete ‘tips’ voor onderwijs leidinggevenden. Twee voor de hand liggende ‘tips’ komen vaak voor in de populaire literatuur en politiek, namelijk:

–        verminder het aantal lesuren van deze docenten

–        betaal ze meer

Deze twee oplossingen laten we buiten beschouwing omdat ze ongetwijfeld effect sorteren maar onevenredig veel geld kosten. Er zijn interessantere opties die veel minder geld kosten.  Acht iets goedkopere of gratis tips zijn hieronder samengevat:

Hoe voorkom je uitval van beginnende docenten?  

  1. Wijs minder moeilijke klassen toe
  2. Leg de schoolregels goed uit
  3. Bespreek eens per kwartaal een persoonlijk ontwikkelingsplan
  4. Zorg voor collegiale hulp bij voorbereiding en evaluatie
  5. Steun docenten bij conflicten met ouders
  6. Bespreek de altijd aanwezige professionele identiteitsspanningen
  7. Stel een cursus voor
  8. Geef de vrijheid om weg te lopen uit vergaderingen

De eerste vier tips zijn gebaseerd op onderzoek van een aantal RuG onderzoekers. Zij hebben een framework getoetst waarbij intensieve, gestructureerde begeleiding bij beginnende docenten vooropstaat.

 

TIP 1: Wijs minder moeilijke klassen toe

 

In de praktijk natuurlijk altijd lastig maar het is goed om expliciet rekening te houden met het toewijzen van klassen die wat minder intensieve begeleiding nodig hebben.
Uit eigen ervaring merken we bij NIVVO dat als inval-docenten van ons vastlopen bij een school, dit in een groot aantal gevallen vastligt op 1 of 2 klassen (en dan ook nog vaak op een aantal leerlingen) waarin de docent niet in staat is het klassenmanagement op orde te krijgen.

Vooraf een inschatting en de bereidheid van andere docenten om in te springen op de ‘lastigere’ klassen is een voorbode om naar minder lesuitval te gaan.

De docent zal zelf ook aan moeten geven wat voor klassen hij/zij lastig vindt, en bij twijfel geldt voor een beginnend docent om niet in te halen.

Een zeilinstructeur van één van ons raadde op een prachtig zonnige, winderige dag af te gaan varen met onze kinderen; als ze angst krijgen krijg je ze de rest van het jaar het water niet meer op.

Zo is het wellicht ook met moeilijke klassen: vermijd de toewijzing aan nieuwe/ startende leraren of leraren.

 

TIP 2: Leg de schoolregels goed uit (school enculturatie)

U zult versteld staan van wat we soms aantreffen als docenten starten; soms helemaal niets… Een kennismaking met basisregels (zo doen we het hier) is geen overbodige luxe. Het geeft houvast aan de startende leraar.

Wellicht kan een leraar die de introductie net achter de rug heeft helpen om zo’n pakket samen te stellen. Het hoeft niet een dik pak papier of een enorm Word bestand te zijn.  Een instructievideo (wellicht gefilmd door leerlingen) is vaak snel gemaakt. Van de bediening van het koffiezetapparaat tot een digibord helpt zo’n beeldende uitleg.

Een actueel smoelenboek wil ook helpen, of een WhatsApp groep introductie. Ook hier geldt: een goede start is het halve werk.

De formele kennismaking leent zich uitstekend voor ‘best practices’: beter goed gejat dan slecht zelf bedacht. Soms kom je scholen tegen die dit proces uitzonderlijk goed in de vingers hebben, het is zonde dat andere scholen hier (nog) weinig van profiteren.

 

TIP 3: Bespreek eens per kwartaal een Persoonlijk Ontwikkelingsplan

Een Pop (Persoonlijk Ontwikkelings Plan) kan helpen in uitval te beperken. In de waan van de dag is het heel makkelijk om je te verliezen in de dagelijkse hectiek van de molen van het lesgeven. Enige reflectie op waar de docent naar toe wil, welke zaken hij/ zij nog beter onder de knie wil krijgen past heel goed in een persoonlijk ontwikkelingsplan.

Zo’n ontwikkelingsplan kan overigens prima in 1 of 2 a4’tjes worden samengevat.

Ook hier zien we de uitwassen van pagina lang plichtmatig opgeschreven termen.
Ook hier geldt Goethe’s wijsheid: in der Beschränkung zeigt sich erst der Meister; het is de kunst om concreet een aantal doelen samen vast te leggen waar de docent zich aan committeert ((jaja SMART).  Het liefst door hem/haar zelf geformuleerd.

Voor de leidinggevende de taak om hier in te stimuleren en bijvoorbeeld eens per kwartaal de voortgang van bij te houden. Als zaken niet meer relevant zijn of al 3 jaar op het lijstje terugkomen: schrappen. Beter 1 actie afgerond dan 10 netjes opgeschreven in het ontwikkelingsplan.

 

TIP 4: Zorg voor collegiale hulp bij voorbereiding en evaluatie

 

Een goed begin, het halve werk: het samen voorbereiden of reflecteren op lessen heeft meerwaarde.

Een ervaren docent die eigen opdrachten deelt, een luisterend/adviserend oor vooraf; het helpt om de lessen beter uit de verf te laten komen.

Ook meerdere lesbezoeken met daarna de mogelijkheid tot reflectie/ evaluatie kan helpen. Dit kost weliswaar tijd, maar het kan helpen in het verbeteren van zowel de inhoud van de les als het management van de klas.

Intensievere begeleiding van startende docenten heeft ook nog andere voordelen: leerlingen wisten vaker wat de bedoeling was van de les, vonden de uitleg vaker duidelijk, werden door hun leraar vaker aan het denken gezet en vonden vaker dat ze hulp of steun kregen wanneer ze iets niet snapten. Verder voelde de leraren zich sneller bekwaam in de klas.

 

TIP 5: Steun docenten bij conflicten met ouders

Een hekel punt; het goed kanaliseren van het commentaar van ouders. Als leidinggevende kun je vertrouwen uitspreken in het vakmanschap van je docent.

In een artikel op de site voor ouders van pubers: www.tishiergeenhotel.nl troffen we een treffend stuk aan:

‘Op middelbare scholen is het echt niet anders. Een kennis van mij die onderbouwcoördinator is op een middelbare school, heeft er een dagtaak aan om klagende ouders te woord te staan. Die vinden dat hun kind niet goed is behandeld, of een te laag cijfer had of ergens dispensatie voor moet hebben. Vanwege een zere teen, liefdesverdriet of ander serieus leed. Los van het signaal dat je hiermee aan je kinderen geeft (regels zijn er om te buigen), maken ouders hiermee leraren het werk onmogelijk.

Ik proef in gesprekken met de leraren van de scholen van mijn kinderen dan ook regelmatig een ietwat afwerende houding. Je voelt op het moment dat je binnenkomt al dat de stekels overeind staan, zeker als je de leraar niet kent. Met iemand in vecht- of vluchtmodus, heb je niet echt een lekker gesprek. Het moet toch ontzettend onvrij voelen om altijd maar op eieren te lopen en doodvermoeiend zijn om altijd maar je diplomatieke vaardigheden uit de kast te moeten trekken als je in gesprek moet met ouders.

 Het actief steunen van beginnende docenten wanneer kritisch bevragen omslaat in klagen of zwaar onder druk zetten kan helpen stress te verminderen.

TIP 6: Bespreek de altijd aanwezige professionele identiteitsspanningen

 

Het werk als docent brengt allerlei spanningen met zich mee, uit wetenschappelijk onderzoek van Pillen (2013) kwamen 13 verschillende spanningen naar voren. Het laten oplopen van deze professionele identiteitsspanningen kunnen zorgen voor gevoelens van onzekerheid en verlies van passie, betekenisvolheid en betrokkenheid en controle over het eigen handelen. Daarmee vergroot het risico op burn-out en dus uitval.

De 13 spanningen die Pillen benoemt zijn:

1 Het gevoel een student te zijn versus de verwachting om je te gedragen als een volwaardig leraar.

 2 Zorg willen dragen voor leerlingen versus de verwachting om te onderwijzen.

 3 Het gevoel van incompetent zijn in termen van kennis versus de verwachting om een expert te zijn.

 4 Ervaren van een verschil tussen de eigen, vaak impliciete, theorieën en de theorieën die relevant zijn voor het lesgeven.

 5 Conflicten ervaren tussen de eigen oriëntaties gericht op het leren onderwijzen van leerlingen en de oriëntaties van anderen.

 6 Blootgesteld worden aan tegenstrijdige institutionele opvattingen.

 7 Tijd willen steken in het oefenen van lesgeven versus de druk ervaren om tijd te investeren in andere taken die deel zijn van de leraartaken.

 8 De integriteit van de leerlingen respecteren versus het gevoel deze integriteit tegen te moeten werken.

 9 Ervaren van tegenstrijdig verbondschap met leerlingen en collega’s.

 10 Leerlingen als hele personen willen behandelen versus het gevoel ze als leerlingen te moeten behandelen.

11 Ervaren van moeilijkheden in het behoud van een emotionele afstand.

 12 Moeilijkheden ervaren in benaderingen van onderwijzen.

 13 Verkeerd begrepen carrière perspectieven over het leraar vak.

 

Wat kan helpen is als er bij collega’s (intercollegiale intervisie) maar juist ook bij leidinggevende ruimte en tijd is om deze 13 spanningen te identificeren, bijvoorbeeld door middel van een enquête. Gelden ze voor de docent in kwestie in meer of mindere mate?

Het benoemen van deze spanningen is al een eerste stap, samen zoeken naar mogelijke oplossingen zorgt er in ieder geval voor dat er erkenning bestaat voor de docent.

De meest pregnante spanningen (en mogelijke oplossingen) kunnen bijvoorbeeld goed in het POP (persoonlijk ontwikkelingsplan) worden gezet.

 

TIP 7: Stel een cursus klassenmanagement voor

Er bestaan vele top cursussen die handvatten geven om het klassenmanagement beter op te pakken.
Hoe kun je als docent bijsturen? Een waarschuwing vriendelijk en snel geven, eruitsturen is meteen het zwaarste middel.  Wat zijn er voor tussenvormen? Juist dit soort praktische cursussen helpen de startende (maar wellicht ook medior) docent in het zich meer op gemak voelen in de klas.

Zie bijvoorbeeld: de cursus www.vriendelijkordehouden.nl

De RuG onderzoekers publiceerden recent een artikel over stress, negatieve emoties en voortijdig vertrek van docenten.

Zij stellen: This study highlights that experienced negative pupil aspects are directly related to tension, negative emotions and discontent. In addition, this study shows that negative emotions are related tow teaching behavior, and discontent to attrition. It seems that learning how to cope with student misbehaviour and to improve poor teacher-student relationships effectively would take a great amount of pressure away…

Juist op dit vlak: het omgaan met leerlingen, zijn er vele praktisch direct toepasbare cursussen beschikbaar waarbij in korte tijd veel resultaat geboekt kan worden.

 

TIP 8: Geef de vrijheid om weg te lopen uit vergaderingen

En als uitsmijter; geef startende docenten de vrijheid om weg te lopen uit een vergadering die naar hun idee niet zinvol is. Tesla baas Elon Musk gooide een paar weken geleden de knuppel in het hoenderhok[8] toen hij aangaf dat medewerkers de voor hen niet zinvolle vergaderingen mochten overslaan.

In het AD artikel over Musk’s uitspraak komt arbeidspyscholoog Tony Crabbe aan het woord. De visie van Musk op vergaderen lijkt radicaal. Toch is hij niet de enige die twijfelt aan het nut van de traditionele meeting. ,,Vergaderingen nemen veel van onze tijd en onze aandacht in beslag. We moeten ons afvragen hoe nuttig dat is’’, stelt ook de Britse arbeidspsycholoog Tony Crabbe, auteur van Nooit meer te druk. Vergaderingen zijn volgens Crabbe vaak te lang, meestal een half uur of een uur. ,,Niet omdat we dat zelf zo bedacht hebben, maar omdat dat de standaardtijd daarvoor is in Outlook’’, legt hij uit. ,,Maar voor de meeste dingen die we willen bespreken, zouden we genoeg hebben aan 7 of 8 minuten.’’

Dit heeft ons ook aan het denken gezet, hoe vaak laten we meetings te lang duren voor medewerkers? Het voelt waarschijnlijk ongelooflijk ongemakkelijk als iemand halverwege (of erger nog: aan het begin) wegloopt uit een door jou geleide vergadering.

Maar als iemand in staat is om te verwoorden waarom hij/zij niet meedoet dan kunnen we hier van leren en kiezen voor een andere vorm?

  • Bijeenkomst met minder mensen, waarbij 1 representant namens een groep wordt gestuurd
  • Geen bijeenkomst;
  • Skype/net meeting
  • Staande vergadering aan statafel
  • Lunchwandelvergadering

 

Tot slot:

Nederlandse docenten zijn geen uitzondering. Het beroep van docent brengt stress met zich mee, dat zie je ook internationaal. Het zou fantastisch zijn als er steeds mensen blijven kiezen voor het docentenvak. Hoe beter zij hierin gesteund worden hoe groter de kans dat ze ook na vijf jaar of langer met passie blijven lesgeven!

Mis onze nieuwste vacatures niet!